Outplacement is een begrip dat op meerdere manieren geïnterpreteerd kan worden. Voor sommige mensen is het niet meer dan een sollicitatietraining. De sollicitant wordt (veelal in groepsverband) geholpen met het opstellen van het CV, het schrijven van een brief en het zoeken naar vacatures. Daarnaast wordt er geoefend met het houden van een goed gesprek.

Een dergelijke training zou ik echter eerder beschrijven als een sollicitatietraining. Dat kan overigens heel behulpzaam zijn, maar het is geen outplacement. Outplacement begint op een vroeger punt dan een sollicitatietraining en het gaat verder waar deze ophoudt.

Veel mensen die met ontslag te maken krijgen, zijn daar emotioneel behoorlijk van ondersteboven. Ze voelen zich niet gewaardeerd door de organisatie, zijn boos op hun leidinggevende of hebben rouwgevoelens omdat ze hun veilige plek binnen de organisatie kwijt zijn. Deze gevoelens moeten aangepakt worden, voordat met solliciteren begonnen kan worden. Dat bedoelde ik toen ik zei dat een outplacementtraject eerder begint dan een sollicitatietraining.

Een sollicitatietraining maakt overigens wel onderdeel uit van een outplacementtraject. Sommige outplacementbureau’s gaan alleen maar in op het psychologische aspect van het zoeken naar een baan en dat is ook niet verstandig. Vaak is het goed mogelijk om de kansen van sollicitanten behoorlijk te vergroten door basale vaardigheden aan te leren.

Een outplacementtraject gaat ook verder dan een sollicitatietraining. Mensen die ontslagen zijn, komen vaak uit organisaties waar ze al een behoorlijke tijd gewerkt hebben. Dat betekent dat ze vaak “vastgeroest” zitten aan de organisatie. Een goed outplacementtraject zoekt niet alleen naar een nieuwe baan, maar zorgt ook dat de employability van een medewerker vergroot wordt zodat er bij een volgende ontslagronde niet weer een outplacementtraject nodig is. De kandidaat weet dan wat hij kan en hoe hij aan die banen kan komen.

Wat vind jij van Brout?